Belasting en de eigen woning
Handige informatie over belastingen en de eigen woning.
Eigen woning
Als u of uw fiscale partner een eigen woning had, moet u voor deze woning een
bedrag bij uw inkomen tellen: het eigenwoningforfait. Daarnaast mag u bepaalde
kosten voor uw eigen woning aftrekken, zoals de (hypotheek)rente over en kosten
van de eigenwoningschuld. De eigenwoningschuld is het bedrag van de lening(en)
voor de eigen woning waarover u de rente mag aftrekken.
Fiscale partners
Als u het hele jaar een fiscale partner had, dan geeft u beiden het totaal aan
van het eigenwoningforfait verminderd met de aftrekposten. Vervolgens kunt u het
saldo van de inkomsten en aftrekposten eigen woning tussen u beiden verdelen.
Elke verdeling is mogelijk, zolang het totaal maar 100% is.
Let op!
U mag alleen het saldo van de inkomsten en aftrekposten eigen woning tussen u en
uw fiscale partner verdelen. De ene fiscale partner mag bijvoorbeeld niet alleen
het eigenwoningforfait aangeven en de andere fiscale partner alleen de kosten.
Meerdere bewoners die geen fiscale partners zijn
Als u met meer mensen een eigen woning als hoofdverblijf had en u was niet
elkaars fiscale partner, dan moet elke bewoner zijn eigen deel van het
eigenwoningforfait en de aftrekbare kosten aangeven. Het deel van het
eigenwoningforfait dat ieder moet aangeven, moet overeenkomen met het aandeel in
de eigendom van de woning.
Voorbeeld
De woning was voor driekwart uw eigendom en voor een kwart eigendom van uw
huisgenoot. U geeft dan driekwart van het eigenwoningforfait aan en uw
huisgenoot een kwart. Als rente over en kosten van geldleningen geeft u het deel
aan dat overeenkomt met ieders aandeel in de eigenwoningschuld. Eventuele
overige aftrekbare kosten, zoals periodieke betalingen voor erfpacht, zijn
aftrekbaar in verhouding tot ieders aandeel in de eigendom van de woning.
|
|